De wapenschilden

Bertem

  • Toegekend bij een Besluit van de Regent van 31 oktober 1946.
  • Een wapen van goud met schuinkruis van keel, afgeleid van het wapen van de heren van Heverlee.
  • Teruggevonden als schepenzegel in 1416 en 1422.

Korbeek-Dijle

  • Toegekend bij Koninklijk Besluit van 9 juli 1861.
  • Een wapen van zilver met uitgeschulpt schuinkruis van keel, vergezeld van twaalf blokjes, afgeleid van het wapen van de famile van Korbeek (met twaalf kruisjes in plaats van blokjes).

Leefdaal

  • Toegekend bij Koninklijk Besluit van 5 maart 1954.
  • Een wapen van goud met een vijfblad van keel, geknopt van lazuur.
  • Teruggevonden als schepenzegel in 1275 en 1344.

(Uit Max Servais, Wapenboek van de Provinciën en Gemeenten van België, pp. 868-869, 875 en 977-978)

Fusiegemeente Bertem
afgekeurd wapenschild Na de fusie werd geprobeerd de drie wapenschilden te verzoenen tot een ontwerp. Er werd gekozen de volgende elementen te combineren:

  • Zilver: Korbeek-Dijle
  • Schuinkruis van keel: Bertem en Korbeek-Dijle
  • Uitgeschupt schuinkruis: Korbeek-Dijle
  • Vijfblad in keel: Leefdaal

Op de zitting van de gemeenteraad van 17 mei 1988 werd echter een ander ontwerp aangenomen, omdat deze combinatie gezien werd als een verminking van de afzonderlijke wapens. In dit nieuwe wapen werd geopteerd voor vier kwartieren. Het eerste kwartier verwijst naar Bertem, het tweede en derde naar de schilden van de families Crabeels en Jacobs, de laatste bezitter van de heerlijkheid Korbeek-Dijle, en het vierde naar Leefdaal. Dit betekent:

  • Het eerste kwartier: goud met schuinkruis van keel
  • Het tweede kwartier: lazuur met keper van goud vergezeld van drie peren van hetzelfde
  • Het derde kwartier: lazuur met drie schelpen van goud
  • Het vierde kwartier: goud met een vijfblad van keel geknopt van lazuur

En dit alles gevat in een accoladeschild.